De gemeente sluit leningen af om de dagelijkse kosten, investeringen, grondexploitaties en het terugbetalen van leningen te betalen.
De gemeente kijkt naar de totale geldbehoefte voor alle onderdelen samen. Er wordt dus niet voor elk project apart geld geleend.
Er zijn twee soorten leningen die de gemeente kan gebruiken om geld te lenen:
- Kortlopende leningen: deze hebben een looptijd korter dan één jaar. De gemeente mag maximaal 8,5% van het totaal van de begroting (lees: kasgeldlimiet) aan kortlopende leningen gebruiken. Dit is een wettelijke regel die voorkomt dat de gemeente te veel korte leningen gebruikt, omdat die vaak goedkoper zijn maar ook risico’s kunnen geven.
- Langlopende leningen: deze hebben een looptijd langer dan één jaar. De gemeente gebruikt deze leningen als het maximale bedrag voor kortlopende leningen al bereikt is. Er is ook een regel dat de gemeente elk jaar niet meer dan 20% van het totaal van de begroting mag herfinancieren (lees: renterisiconorm) (dat betekent dat oude langlopende leningen worden vervangen door nieuwe langlopende leningen). Dit is om het risico op hogere rentelasten te beperken.
In 2025 heeft Hilversum zich aan de regels van de kasgeldlimiet en de renterisiconorm gehouden. Voor meer uitleg, zie paragraaf 3.4.4.
